Terug

Op zoek naar gezond evenwicht

Op zoek naar gezond evenwicht

Onze samenleving is ontwricht. We gaan ze niet in evenwicht brengen door de balans volledig te laten doorslaan.
 
Nu het applaus voor de werknemers die het land draaiende houden is gaan liggen, klinkt de wereldvreemde en misplaatste roep om flexibiliteit van een aantal werkgevers(organisaties) en liberale en rechtse politici opnieuw luider. Meer ’s nachts werken, meer onvoorspelbare werkuren, meer overuren zonder bijdragen noch inhaalrust. Vakantie deze zomer? Die moet uitgesteld worden want de economie moet volop draaien en mag niet meer vertragen. Contracten moeten zo soepel mogelijk zijn en ontslag eenvoudig en goedkoop. Bedrijven moeten minder bijdragen, hun belastingen (bedrijfsvoorheffing) of bijdragen aan de sociale zekerheid moeten (zogezegd tijdelijk) kwijtgescholden.
 
Kijk, er is geen toverformule om uit deze crisis te geraken. Maar laat ons het gezond verstand aanspreken en overleg niet nodeloos bemoeilijken door te bruuskeren. Schofferen met nog meer flexibiliteit, nog meer druk, is de tegenstellingen op scherp zetten in plaats van ze te overstijgen. Het is niet het moment om hoog van de toren te blazen met een puur economisch en op winstbejag gestoeld verhaal. Egoïsme en profijt gaan niet voor op algemeen welzijn. Nu niet. Nooit.
 
Vanzelfsprekend hebben we gezonde bedrijven nodig. Maar alles staat of valt met gezonde werknemers. En die werknemers wringen zich nu al in bochten. Mentaal en fysiek. Het wetenschappelijk instituut Sciensano gaf aan dat het aantal Belgen met angstklachten en depressieve gevoelens al na drie weken coronacrisis sterk gestegen was. Iedereen kreeg te maken met de vrees om ziek te worden of een dierbare te verliezen, maar ook met controleverlies, beperkt sociaal contact en onzekerheid over de toekomst. Als vakbond horen we de pijnlijke verhalen van mensen met nauwelijks of geen inkomen, van werknemers die met een ongerust hart naar het werk gaan omdat ze te weinig beschermd worden op de werkvloer, van mensen met een precair statuut zoals uitzendkrachten wiens contract niet werd verlengd en die naast steun grijpen …
 
Mensen liepen ernstige schade op. Financieel, fysiek, maar ook mentaal. Verschillende experten verwachten psychische trauma’s, mentale aandoeningen en burnouts zelfs tot lang na het moment waarop we terugkeren naar ‘normaal’. Nu dit langzaamaan gebeurt, is oproepen om er hard tegenaan te gaan, om “erin te vliegen”, om “verloren tijd in te halen”, en vakantie op de lange baan te schuiven wel zeer kortzichtig. Mensen willen de draad weer oppikken en de coronacrisis achter zich laten, maar voor de crisis begon waren werkdruk en stressniveaus al hoog. Meer eenzijdige flexibiliteit zal de dagelijkse ratrace nog wat onmenselijker maken, de motivatie fnuiken en de toewijding van werknemers onderuit halen. Die achterhaalde, ouderwetse ideetjes zijn contraproductief op een moment dat werknemers zich met hart en ziel inzetten.
 
Laat ons daarom de mens terug centraal stellen. Een werknemer met een stevig statuut is een sterke werknemer. Een werknemer met een menselijk uurrooster heeft ook tijd om zijn sociaal leven uit te bouwen. Een werknemer die weet waar hij aan toe is, die zich op lange termijn kan engageren op de werkplek, die heeft zin om een toekomst uit te bouwen.
 
Alle werknemers hebben nood aan zekerheid, een veilig en duurzaam kader met perspectief. De sociale zekerheid moet versterkt worden, met uitkeringen die een echte hefboom vormen tegen armoede. De mensen verdienen openbare diensten die naam waardig, degelijk gefinancierd en die tegemoet kunnen komen aan de noden.
 
In plaats van te besparen op werknemers is het tijd om hen in de bloemetjes te zetten, met meer dan alleen applaus. Want applaus brengt geen brood op de plank. De aandeelhouder ziet zijn winst dit jaar misschien wat afnemen, maar zal er geen boterham minder door eten. De werknemer, de vrouwen en mannen die onze samenleving draaiende houden in goede en in kwade dagen, verdient beter dan de oude recepten van winst boven alles.

 

 

Dit artikel verscheen als Edito in het ABVV-ledenmagazine De Nieuwe Werker van juni 2020