Terug

crisis kans sociale vooruitgang

Elke crisis is een kans op sociale vooruitgang

Elke crisis is een dubbeltje op zijn kant. Solidariteit en een sterke sociale beweging kunnen dat dubbeltje in de juiste richting doen vallen. Zo maken we samen de ‘Zekerheid voor Morgen’.

Op 1 mei 2020 vieren we de 130ste verjaardag van de Dag van de Arbeid. Met een om zich heen slaande coronacrisis mag het dan wel een jubileum in mineur zijn, het belang van deze feest- en strijddag voor alle werknemers komt er des te meer door in de verf te staan.

Crisis

In de laatste decennia van de 19de eeuw streden de werknemers voor een verkorting van de werkdag, tot 8 of zelfs 7 uur. Het was een tijd van economische crisis. Werkloosheid vierde hoogtij. De werknemers uit de Amerikaanse staalindustrie en de spoorwegen, samen goed voor miljoenen werkers, vochten hard voor sociale vooruitgang. Niet weinig onder hen lieten hierbij het leven.

In 1890 werd de eerste Internationale Dag van de Arbeid gevierd.

Ondertussen zijn we 130 jaar verder, en we kunnen zonder schroom stellen dat we ook vandaag in een crisisperiode verzeild zijn geraakt. De gevolgen van een crisis zijn zelden in te schatten op het moment van de crisis zelf. Maar dat de gevolgen zwaarwichtig zullen zijn, dat staat buiten kijf.

Momenten van crisis veranderen de wereld. Dit kan in goede of in kwade zin.

Neem de financieel-economische crisis van 2008. Criminele activiteiten van grootbanken werden niet bestraft. De casinokapitalisten die met hun financiële abracadabra de wereldeconomie in het ravijn stortten, kwamen er met een tik op de vingers vanaf. Een signaal dat ze hun activiteiten gewoon konden voortzetten. De Europese burgers daarentegen, die kregen een decennium broeksriempolitiek voor de kiezen. Zij betalen tot op vandaag de crisis.

Dubbeltje op zijn kant

Doorheen de geschiedenis zijn er nochtans genoeg voorbeelden waarbij het dubbeltje in de juiste richting kwam te vallen.

De periode 1914-18 was de eerste keer dat dood en verderf op een industriële schaal werden georganiseerd. De Eerste Wereldoorlog liet de Europese grootmachten op elkaar los, in een zinloze strijd. Winnaars waren er niet. Nadien werd het algemeen enkelvoudig stemrecht ingevoerd. Democratische vooruitgang, na een verwoestende oorlog. Weliswaar alleen voor mannen, vrouwen moesten hier nog dertig jaar voor vechten.

De beurscrash van 1929 was een voorproefje van waartoe kapitalisme in staat is. Onverantwoord gedrag – dat in het systeem beloond wordt – kan wereldwijde gevolgen hebben. De jaren dertig werden gekenmerkt door werkloosheid en de daaruit voortvloeiende ellende. In een massaal investeringsplan – de ‘New Deal’ van de Amerikaanse president Roosevelt – zagen de pensioenen, nationale parken en ontelbare overheidsbanen het levenslicht.

Wereldoorlog II was nog bloediger, nog globaler, nog brutaler dan de eerste. Na die verwoestende crisis werd de sociale welvaartsstaat op poten gezet. Het idee? Iedereen heeft recht heeft op een menswaardig leven, ondanks de tegenslagen die het leven soms voor ons in petto heeft, zoals ongevallen, ziekte, werkloosheid, maar ook blijde gebeurtenissen zoals een pensioen of de geboorte van een kind. Vrouwen bekwamen kort na WOII, in 1948, eindelijk hetzelfde stemrecht als mannen.

Rode draad

In tegenstelling tot wat men ons soms wil doen geloven, komt sociale vooruitgang niet voort uit de goedheid van de machthebbers. Een president of andere heerser staat ’s ochtends niet voor de spiegel zichzelf scherend te peinzen over hoe hij die dag de werkende klasse kan behagen.

Eén rode draad rijgt dit soort scharniermomenten aan elkaar: een sterke sociale beweging en een bewuste werkende klasse.

In 1918 lag Europa in puin en waren de doden nog niet allemaal begraven. De Russische Revoluties vormden een bedreiging omdat ze een einde maakten aan het onaantastbaar gewaande tsarenrijk. Een alternatief systeem behoorde ook voor de rest van Europa misschien tot de mogelijkheden. Machthebbers wilden te allen prijze vermijden dat het ook in onze contreien tot een weinig rimpelloze revolutie zou komen.

De jaren dertig in de Verenigde Staten waren gekenmerkt door stakingsdagen, politieke activiteit ter linkerzijde en zeer strijdlustige vakbonden. De sociale vooruitgang van dat decennium kwam er niet door de goedheid van machthebbers, maar net uit hun angst voor een werkende klasse die het heft in eigen handen zou kunnen nemen.

Toen de werkende klasse in 40-45 voor de tweede keer in een generatie het ultieme offer bracht – want het zijn zelden de kinderen van de elite die als kanonnenvoer naar het front worden gestuurd – was het onmogelijk om zonder meer terug te keren naar de orde van de dag. Het sociaal pact zorgde er bij ons voor dat de winsten eerlijker verdeeld zouden worden tussen de bezittende klasse van patronaat en aandeelhouders en de werkende klasse, zij die de fabrieken doen draaien, en dat er een minimum aan sociaal vangnet voorzien werd voor iedereen.

Solidariteit

De geschiedenis leert ons dat het coronadubbeltje uiteindelijk ook in twee richtingen kan vallen. Alleen brede solidariteit zal ervoor kunnen zorgen dat we hier samen beter uitkomen.

Dat betekent dat we ons moeten organiseren. Een sterk middenveld is de beste garantie op sociale vooruitgang. Werknemers die zich verenigen in een vakbond zijn werknemers waarnaar geluisterd wordt. Alleen zijn we machteloos, maar samen staan we sterk. Samen met burgerbewegingen, mutualiteiten, en ja, ook kleine zelfstandigen, moeten we een duidelijke boodschap geven dat een terugkeer naar de orde van de dag, naar het pre-coronatijdperk, niet tot de opties behoort.

Vandaag zien we meer dan ooit tevoren welke schakels onmisbaar zijn om de samenleving draaiende te houden: de werkende klasse, dikwijls in minder goed betaalde sectoren. Werknemers, gepensioneerden, werkzoekenden, jongeren, ouderen, gezonden en minder gezonden moeten vandaag zekerheid eisen voor de toekomst. Koopkracht in de vorm van degelijke lonen voor iedereen en sociale zekerheid voor de tegenslagen voor het leven. Want ook volgende generaties zullen met crises worden geconfronteerd.

Een betere wereld is mogelijk, nu net als vroeger, maar die komt niet uit de lucht vallen. We zullen die 'Zekerheid voor Morgen' zelf moeten maken.