Terug

Coronamaatregelen werkloze artiesten

Coronamaatregelen ondersteunen werkloze artiesten

Volledig werkloze artiesten worden ondersteund door enkele coronamaatregelen. De toelaatbaarheidsvoorwaarden zijn tijdelijk versoepeld, de daling van de uitkering wordt geneutraliseerd, de referteperiodes om een hogere uitkering te houden of om in te gaan om een passende jobaanbieding worden opgeschort.
 

Er werden verschillende maatregelen genomen ter ondersteuning van werkloze artiesten.
 

  • Een eerste maatregel is de schorsing van de degressiviteit, de daling van je uitkering na verloop van tijd, die van toepassing is op alle volledige werklozen. Die daling in de tijd is bevroren van 1 april tot en met 31 december 2020. Het bedrag waarop je recht had op 1 april, blijft dus behouden tot en met 31 december 2020. Je uitkering daalt niet. De degressiviteit van je uitkering schuift als het ware 9 maanden op. De uitkeringsfase waarin je je bevond op 1 april 2020 en de daarop volgende fasen, worden met 9 maanden verlengd.

    Dit geldt bij artiesten ook voor het behoud van het vergoedingspercentage van 60% gedurende 12 maanden na het eerste jaar werkloosheid. Artiesten voor wie dit voordeel normaal gezien afloopt in de periode van 13 maart tot 31 december 2020, kunnen het behouden tot 31 december 2020.

 

  • Voor artiesten bestaat er na het eerste jaar werkloosheid een speciale maatregel. Om je uitkering na het eerste jaar werkloosheid aan 60% te kunnen behouden moet je als een artiest 156 arbeidsdagen in loondienst aantonen in een referteperiode van 18 maanden, waarvan 104 arbeidsdagen in de artistieke sector. Is die referteperiode van 18 maanden minstens gedeeltelijk gelegen in de periode van 13 maart tot 31 december, dan wordt er met die periode geen rekening gehouden. Dit voordeel kan de artiest gedurende 12 maanden behouden. Loopt die periode van 12 maanden af tussen 13 maart en 31 december 2020, dan wordt ze verlengd tot 31 december. Eens die periode van 12 maanden voorbij kan de artiest dat voordeel voor een periode van 12 maanden vernieuwen mits hij 3 artistieke prestaties kan aantonen in de voorbije 12 maanden.

    Voorbeeld: stel dat de eerste uitkeringsperiode eindigt op 1 mei 2020, dan wordt deze verlengd met 9 maanden tot 1 februari 2021 omdat de degressiviteit opgeschort wordt. De referteperiode om een eerste verlenging te hebben zou dan lopen van 1 augustus  2019 tot en met 31 januari 2021. Na neutralisering van de periode van 13 maart tot en met 31 januari 2021, loopt de referteperiode van 14 augustus 2018 2018 tot 31 januari 2021.

 

  • De referteperiode van 18 maanden om in te gaan op een passende dienstbetrekking in de artistieke sector wordt opgeschort van 13 maart tot en met 31 december 2020.

 

  • De toelaatbaarheidsvoorwaarden voor artiesten worden tijdelijk versoepeld. Artiesten die aan de versoepelde voorwaarden voldoen, hebben op die basis recht op uitkeringen volledige werkloosheid tot en met 31 maart 2021. Om aan deze voorwaarden te voldoen moeten ze aantonen dat ze tussen 13 maart 2019 en 13 maart 2020 volgende prestaties hebben geleverd:
    • Ten minste 10 artistieke activiteiten waarop sociale bijdragen werden ingehouden: OF
    • Ten minste 10 technische activiteiten in de kunstensector waarop sociale bijdragen werden ingehouden; OF
    • Artistieke activiteiten of technische activiteiten in de kunstensector vergoed met een taakloon en overeenkomend met ten minste 20 dagen activiteit.

 

  • Van 1 april tot en met 31 maart 2021 kunnen inkomsten uit auteursrechten en naburige rechten gecumuleerd worden met uitkeringen.