PB Werknemers, uitkeringsgerechtigden, jongeren willen een duurzaam herstel en kwaliteitsvolle jobs.

Werknemers, uitkeringsgerechtigden, jongeren willen een duurzaam herstel en kwaliteitsvolle jobs.

Aan de vooravond van het Belgisch relanceplan (dat nog niet gedefinieerd is), en net vóór enkele grote Europese en internationale uitdagingen (Europese Top op 28 juni, Rio+20, G20,…), gingen de vakbonden, in de schoot van het Internationaal Vakverbond (het IVV), de werknemers, de sociaal uitkeringsgerechtigden en de jongeren tegemoet.

De gelegenheid om (met cijfermateriaal als bewijs) politici en werkgevers te herinneren aan de realiteit van de werkwereld, waarvan zij blijkbaar steeds verderaf staan – wat de opiniepeiling bewijst. 

Het IVV stelde de resultaten voor van een opiniepeiling die op zijn verzoek uitgevoerd werd in België en in 12 andere landen (opiniepeiling uitgevoerd in april 2012 door TNS Opinion, Lightspeed Research, 13.000 bevraagde personen – waarvan 86% niet bij een vakbond aangesloten zijn - 1.000 personen per land - België, maar ook Duitsland, Frankrijk, de USA,  Brazilië, Mexico, Japan, Canada, Griekenland, Indonesië, Zuid-Afrika, Bulgarije, Het Verenigd Koninkrijk).

 

Volgens Rudy De Leeuw, Voorzitter van het ABVV

« hebben de Belgen geen vertrouwen meer in de financiële instellingen en willen ze hun zeg hebben.  Deze opiniepeiling sterkt het ABVV in zijn mobilisatie voor een duurzaam en solidair relanceplan, met beleidslijnen waarbij werknemers, sociaal uitkeringstrekkers en jongeren centraal staan ».

 

Deze opiniepeiling wijst er immers op:

 

  • dat de financiële crisis de Belgen getroffen heeft: in de 13 landen waar de opiniepeiling uitgevoerd werd, werd een sterk pessimisme vastgesteld, een meerderheid (58 %) van de bevraagde personen was van mening dat hun land de verkeerde richting gekozen had. In België was 62 % die mening toegedaan. Europa wordt gekenmerkt door een overheersend pessimisme, hier zitten België, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk op dezelfde golflengte. Bij de Grieken is het pessimisme over de richting die hun land insloeg, wel het sterkst (figuur 2) ;
  • dat er onzekerheid heerst over de toekomst: de grootste ongerustheid over de toekomst van de volgende generaties kwam van de Belgische bevraagden, 87 % onder hen was ervan overtuigd dat de komende generaties een veel slechtere situatie wacht (figuur 3) ;
  • dat er een uitgesproken mening bestaat over de economische crisis: 77 % van de bevraagde personen is van mening dat de huidige economische toestand «ernstig » of   « zeer ernstig» was (figuur 4) ;
  • dat een groot aantal burgers in een moeilijke financiële situatie verkeert: bij 75 % van de bevraagden ging het gezinsinkomen erop achteruit in vergelijking met de kosten voor levensonderhoud, dit stemt overeen met de antwoorden uit Frankrijk (figuur 5). In België  kan 59 % van de bevraagde personen gewoon niet sparen. (figuur 6) ;
  • dat er een dreigende werkloosheid bestaat:  België komt voor Japan maar na de USA,  37 % van de bevraagde personen verklaart dat de dreiging van de werkloosheid de jongste twee jaar gestegen is. Gemiddeld genomen is 36 % van de bevraagden uit alle 13 landen van mening dat ze door werkloosheid bedreigd zijn (figuur 7) ;
  • dat de internationale banken en de grote bedrijven teveel macht hebben:  voor de Belgen, net zoals voor de burgers uit de andere Europese landen, zijn de banken ‘een obsessie’ geworden;  74 % is van mening dat de invloed van de banken op de economische beslissingen te groot is  (figuur 9 « actor die de bevraagde personen als de machtigste beschouwen ») ;
  • dat de kiezers de indruk hebben dat ze geen macht  hebben: volgens 76 % van de bevraagden hebben de kiezers in België geen macht (tabel 1) ; 81 % van de bevraagden is van mening dat de kiezers onvoldoende invloed hebben (landentabellen « actoren met  onvoldoende of overdreven invloed ») ;
  • dat de werkzekerheid onvoldoende gewaarborgd is: in België is de mening hierover zeer negatief, vermits 70 % van de bevraagden van mening is dat de huidige wetgeving de werknemers onvoldoende bescherming biedt tegen werkonzekerheid (figuur 11).
  • dat de arbeidswetgeving ruime steun krijgt: in België krijgt de arbeidswetgeving ruime steun, 93% van de bevraagden keurt de wetgeving met betrekking tot de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers goed en 88 % is het eens met een bij wet gewaarborgd minimumloon (tabel 3).
  • dat de burgers toegang willen tot gezondheidszorg en tot  een behoorlijk pensioen: de Belgische bevraagden staan achter de acties van de regering ten voordele van een toegang tot betaalbare geneeskundige zorgen (69 %) en van een behoorlijk pensioen (65 %) (tabel 5).
  • dat de banken en de grote bedrijven meer moeten bijdragen:  71% van de bevraagden is van mening dat de banken meer moeten bijdragen, 66% van de bevraagden is van mening dat de grote bedrijven meer moeten betalen. De Belgen zijn, net zoals de andere Europese burgers, vastbesloten om de bijdrage van de werknemers en van de kleine bedrijven aan de financiering van de crisis te verminderen (negatieve afwijking van -16 % voor de kleine bedrijven en van  -48 % voor de werknemers)  (tabel 6).
  • dat er een grote kloof bestaat tussen de regeringen en de bevolking: de opiniepeiling waarschuwt voor de enorme kloof tussen de blinde bezuinigingsmaatregelen die de meeste nationale regeringen voorstellen en de wens van de burgers om te investeren in werkgelegenheid en groei. In België krijgt het vooruitzicht « om de schuld nu terug te betalen door de lonen te verminderen en de overheidsuitgaven terug te dringen » maar bij 6 % van de bevraagden een gunstig advies, terwijl het omgekeerde vooruitzicht, namelijk een beleid   « dat investeert in het creëren van behoorlijk betaalde banen om zo een economie aan te zwengelen die door vraag gestimuleerd wordt en dat de economische groei bevordert, zodat de schuld kan worden terugbetaald » de goedkeuring krijgt van 63 % van de bevraagden,  31 % van de bevraagden steunt dan weer beide  (figuur 17).

 

Of ze nu bij een vakbond aangesloten zijn of niet, de burgers uit de 13 landen waar de opiniepeiling uitgevoerd werd, spreken hun grote ongerustheid uit over de toekomst. Zij zijn van mening dat het klimaat van onzekerheid dat momenteel overal ter wereld heerst, sterk verbeterd zou kunnen worden:

  • door de invloed van de werknemers en de kleine bedrijven op de economische beslissingen te vergroten, waarbij de macht van de internationale banken en de grote bedrijven ingeperkt wordt ;
  • door te kiezen voor investeringen in werkgelegenheid en groei, veel betere manier om de schuld terug te betalen. Deze strategie krijgt overduidelijk de voorkeur boven de blinde bezuinigingsmaatregelen gericht op het rechtstreeks verminderen van de schuld via het  verminderen van de lonen en het inkrimpen van de overheidsuitgaven;
  • door te maken dat de nationale regeringen er zich toe verbinden de belangen van de werknemers en hun gezin te verdedigen, via een actief beleid ter ondersteuning van de lonen,   met namelijk behoorlijke werkloosheidsuitkeringen en behoorlijke pensioenen, met een betaalbare toegang tot onderwijs, tot gezondheid en tot kinderopvang.