We blijven strijden tegen de pensioenafbraak van de regering-Michel

We blijven strijden tegen de pensioenafbraak van de regering-Michel

Dankzij onze actie op 15 september is het onrechtvaardig puntensysteem voorlopig van de baan. Nu moeten de vakbonden en werkgevers de krijtlijnen uittekenen van de pensioenen van de toekomst. We hebben jullie dus nodig, want de strijd gaat door. Een strijd die iedereen aanbelangt. Zeker ook de jongeren, want er wordt vandaag beslist over de pensioenen van morgen.

De pensioenafbraak van de regering-Michel: wat moet je weten?

  • Voor de zomer ging de pensioenleeftijd omhoog naar 67 jaar. Er werden strengere voorwaarden gecreeërd voor vervroegd pensioen. Daarboven op kregen we een indexsprong over ons heen, waardoor werkenden en gepensioneerden levenslang 2% inboeten. Ook de pensioenbonus voor wie langer werkt werd voor de zomer door deze regering in de prullenmand gegooid. En deze regering besliste ook het budget om pensioenen aan te passen aan de levensduurte fors te verminderen. 
  • Tijdens de zomer en nu ging deze regering verder op eenzelfde elan. Zo ontnam de regering bepaalde pensioenrechten voor wie na 45 jaar loopbaan een periode werkloos of met brugpensioen is. Ze verminderde het pensioen van mensen dien een jaar werkloos is, zelf actief werkzoekenden, en velen die na 2016 op brugpensioen zijn gestuurd. 

Onze pensioenen worden opnieuw als ‘besparingspost’ misbruikt. De regering-Michel maakt er een tombola van: altijd prijs, maar altijd verloren.

Wat ligt er nu op tafel?

  • Lager pensioen voor lange loopbanen: elk jaar 1 op 5 nieuwe gepensioneerden getroffen. Je begon vóór je 20ste aan je loopbaan en werkte al meer dan 45 jaar? Dan bouw je geen pensioen meer op voor de laatste jaren brugpensioen of werkloosheid. Verlies van zo’n 100 euro bruto per maand.
  • Minder pensioen voor werkzoekenden en bruggepensioneerden. Ben je jonger dan 50 en meer dan 1 jaar aaneensluitend werkloos of ben je met brugpensioen (stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag, algemeen stelsel of lange loopbanen), dan wordt je pensioen niet meer berekend aan je laatst verdiende loon maar wel aan een minimumrecht. Afhankelijk van je pensioenbedrag verlies je maandelijks tussen 12 en 44 euro bruto.
  • Nog steeds niets voor werknemers met belastend werk. Zij blijven onderhevig aan de verhoogde pensioenleeftijden, zonder uitzondering.
  • Uitdoven ambtenarenpensioen. Omdat de regering geen statutairen meer wil benoemen, zal het enige deftige pensioen in ons land, het pensioen van de ambtenaren, uitdoven. Daar wordt niemand beter van. Het ambtenarenpensioen is niet te hoog, het werknemerspensioen is te laag.
  • Het puntensysteem is duur en onnodig, want het huidige pensioenstelsel werkt. Het creëert daarenboven onzekerheid. Ten eerste, hangt je pensioen af van economische, budgettaire én demografische factoren, dus politieke beslissingen. Ten tweede ken je pas enkele jaren op voorhand het moment waarop je met pensioen kan. Ten derde, pas in het jaar voor je met pensioen gaat, wordt bepaald hoeveel je opgespaarde punten waard zijn. Ten vierde: de begroting staat in het rood? Pech. Je krijgt minder waar voor je punten. Je pensioen kan dus jaren bevroren worden om de begroting op orde te krijgen.
  • Bijkomende besparingen: De regering weet nog niet hoe, of durft het ons nog niet vertellen, maar dit en volgend jaar plant ze een reeks besparingen. Niet alleen in de pensioenen maar in onze volledige sociale zekerheid: ziekte, tijdskrediet, werkloosheid, … Onze sociale zekerheid wordt uitgekleed, ten koste van elke werknemer.