Terug

Vrouwen wisten altijd al waarom

Vrouwen wisten altijd al waarom: over feminisme, fascisme en femicide

Zonder sociale strijd, geen m/v-gelijkheid. Een belangrijke aspect dat we niet mogen vergeten. De strijd om het feminisme was vaak een gevecht tegen fascisme, tegen de bierkaaien, maar ook tegen het establishment.

8 maart 1908. Het was een koele en droge ochtend in de straten van New York. Enkele uren later zou de stad in rep en roer staan. 15.000 kwade naaisters en textielwerksters uitten er hun ongenoegen. Waarom? Ze hadden mooi genoeg van de onheuse loonongelijkheid in de textielsector. “Gelijk loon voor gelijk werk”, scandeerden ze. De politie viel hen aan. Er vielen harde klappen en gewonden. Deze staking en manifestatie zou toch wat in gang zetten en bleef niet zonder gevolg. 

Een jaar later dan, 28 februari 1909. Zoals het jaar voordien hielden de socialistische partij en vakbonden in de Verenigde Staten een grote herdenkingsmars – zeg maar de eerste nationale vrouwendag – ter ere van de sociale strijd van de naaisters in 1908. Want ja, nog steeds: geen loonongelijkheid. Het inspireerde verschillende strijdsters van het eerste uur in Europa om een jaar later te pleiten voor een internationale dag voor vrouwenrechten. De legende zegt dat het de Duitse socialistische activiste Clara Zetkin was, die voor het eerst op de proppen kwam met het idee voor zo een internationale vrouwendag. Dat gebeurde op een internationale vrouwenconferentie in Kopenhagen, in 1910. 8 maart werd zo een symbolisch geladen datum.

Het interbellum

Het was zelfs zo dat de vrouwendag er impliciet voor zorgden dat het eindspel van het Tsaristisch Rusland werd ingezet. De vrouwenmars op 8 maar 1917 bleek, in nabeschouwing, het noodzakelijk duwtje dat ervoor zorgden dat de Oktoberrevolutie werd ingezet. Dit bracht de Bolsjewieken aan de macht en betekende het einde voor Tsaar Nicolaas II.

In de jaren 30 stak het fascisme en nazisme de kop op. In het Italië van Mussolini, het Spanje van Franco en het Duitsland van Hitler kwam de positie van de vrouw onder druk te staan. Een vrouw had een bepaalde rol te vervullen: als moeder, als verzorgende, thuis, haar plaats kennend. Vrouwen mochten niet mee doen aan het politieke leven en hoorde zich louter bezig te houden met het huishouden. Na 1945 (en de dood van dictator Franco in 1975) werd hier abrupt een streep onder getrokken. Gelukkig maar.

Heel wat vrouwen gingen hier wel rabiaat tegen in. Het feminisme in de jaren ‘30-‘40-‘50 ontbolsterden zich daardoor tot een strijdbaar en activistisch feminisme. Vrouwen bleven niet bij de pakken zitten. Zo heb je bijvoorbeeld het fascinerende verhaal van Las Mamas belgas, bijvoorbeeld, van jonge Joodse vrijwilligsters die het gevecht aangingen met Franco en nadien tijdens de Tweede Wereldoorlog in ons land met Hitler. Die strijd wierp haar vruchten af.

Na de Tweede Wereldoorlog

Vrouwen kregen in ons land eindelijk stemrecht, in 1948. Mannen verkregen dit al na de Eerste Wereldoorlog. Meer en meer kwamen er sterke voruwen op het voorplan. Internationaal werd iemand als Eleanor Roosevelt, ‘the first lady of the world’, de bezieler van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Feministische denksters zoals Simone De Beauvoir en Hannah Arendt maakten internationaal furore met hun theorieën over de samenleving. Vrouwelijke politici namen het voortouw en bleven niet langer in de schaduw staan.

De algemene vergadering van de VN stelde in 1977 dan voor om van 8 maart echt een Internationale Vrouwendag te maken. In ons land wordt de vrouwendag ook gevierd op 11 november. Dat komt omdat op die dag, in 1972, Simone De Beauvoir en Australische activiste Germaine Greer in Brussel (Passage 44) lezingen gaven over hun werk en ideeën. Dat was zo een overdonderend succes (12.000 aanwezigen!) dat ze er prompt een nationale vrouwendag van maakten.

Anno 2020

Even door naar nu, naar 2020. Het thema van Internationale Vrouwendag 2020 is, I Am Generation Equality: Realizing Women's Rights. Dit kadert dit jaar in de viering van 25 jaar Verklaring van Peking. In 1995 werd met deze verklaring een resolutie aangenomen door de VN. Men kondigden toen een ​​reeks principes af over de gelijkheid van mannen en vrouwen. Een soort internationale richtsnoer. 

Dit jaar wil de VN dit een extra boost geven door een routekaart te lanceren die vrouwen en meisjes wereldwijd moet bijstaan met raad en daad. Ook dit jaar te vieren: het tienjarig bestaan van de VN-Vrouwen. De VN stelt anno 2020 toch wat ontluisterende conclusies. Ondanks een tikkeltje vooruitgang, gaat de echte verandering voor de meerderheid van de vrouwen en meisjes ter wereld pijnlijk traag. 

Geen enkel land is gendergelijk: Vrouwen en meisjes worden nog steeds ondergewaardeerd; ze werken meer en verdienen minder en hebben minder keuzes; ze ervaren meerdere vormen van huiselijk geweld en in de openbare ruimte. Het komende decennium zal er stevig gemobiliseerd moeten worden om gendergelijkheid en mensenrechten voor alle vrouwen en meisjes te bewerkstelligen.

Wij zijn er dus nog niet.