Vrouwen in actie voor een rechtvaardig en waardig pensioen

Vrouwen in actie voor een rechtvaardig en waardig pensioen

Donderdag 29 maart kwamen honderden vrouwen en mannen samen aan de Kunstberg te Brussel om de zwakke pensioenen van vrouwen en de hardnekkige pensioenkloof tussen mannen en vrouwen aan te klagen. Het gemiddelde pensioenbedrag van vrouwen bedraagt 882 euro. Dat is lang niet genoeg om waardig van te leven. Bovendien ontvangt ongeveer een op de twee vrouwen een pensioen van minder dan 1.000 euro.

Werkneemsters uit verschillende sectoren getuigden vandaag over dat laag pensioentje en over de moeilijkheden dat dit met zich meebrengt. De vakbonden stelden eveneens nogmaals de recente pensioenmaatregelen van de regering-Michel aan de kaak. Gepensioneerde vrouwen van vandaag en morgen worden daar immers nog harder door getroffen. Vrouwen liepen op de actie dan ook symbolisch “de trappen van bezuinigingen” af. ACV, ACLVB en ABVV benadrukken dat er geloofwaardige en financierbare alternatieven bestaan.

De pensioenkloof tussen mannen en vrouwen

Het loonverschil tussen vrouwen en mannen blijft bestaan en stagneert al voor het vierde jaar op rij, op 20%. Deze ongelijkheid tussen mannen en vrouwen is even groot op het vlak van pensioenen. De pensioenkloof bedraagt niet minder dan 26%.

Die kloof is het resultaat van een combinatie van meerdere discriminatiefactoren:

  • vrouwen hebben kortere loopbanen;
  • deeltijdse banen worden meestal door vrouwen ingevuld;
  • lagere en ongelijke lonen;
  • een ongelijke rolverdeling en een onevenwichtige verdeling van de huishoudelijke taken tussen mannen en vrouwen;
  • en bij de pensioenberekening wordt geen rekening gehouden met de specificiteit van het werk dat vrouwen uitoefenen.

Rekening houdend met deze ongelijkheid, hebben vrouwen het recht op een correcte politieke reactie. De regering besliste echter anders. Michel heeft namelijk moedwillig gekozen om die pensioenkloof verder uit te diepen en om zodoende een groot deel van de vrouwen in de precariteit te storten.

Vrouwen zijn de dupe van de maatregelen van de regering-Michel

We kunnen al minstens 3 maatregelen uitlichten die onder deze regering werden ingevoerd en die nadelig zijn voor het pensioen van vrouwen.

  1. Werkloosheidsperiodes van langer dan 1 jaar tellen niet mee voor de pensioenberekening
    Deze maatregel treft in het bijzonder vrouwen. Volgens het Planbureau vertegenwoordigen werkloosheidsperiodes immers 42% van de gelijkgestelde periodes in de loopbaan van vrouwen.
  2. Beperking van de gelijkstellingen
    De gelijkstelling van bepaalde periodes van loopbaanonderbreking of tijdskrediet wordt beperkt bij de pensioenberekening.

  3. Afschaffing van de pensioenbonus
    De regering besliste om de pensioenbonus af te schaffen. Deze maatregel alleen al zal het gemiddelde overheidspensioen met 5% doen dalen tegen 2020. Bovendien besliste de regering om de diplomabonificatie in de openbare diensten af te schaffen. Door deze maatregelen zal meer dan de helft van de vrouwen in de overheidssector verplicht tot 67 jaar moeten werken.

Geloofwaardige en financierbare alternatieven

Andere, sociaal rechtvaardigere en meer aanvaardbare keuzes zijn mogelijk. De regering probeert ons namelijk wijs te maken dat het onvermijdelijk is om langer te werken en om het mes in onze pensioenen te zetten. De vakbonden onderstrepen dat dit niet de enige uitweg is. Ze stellen geloofwaardige en perfect financierbare alternatieven voor.

  • de wettelijke pensioenleeftijd terugbrengen tot 65 jaar;
  • een sterk wettelijk pensioen waarborgen voor een waardige oude dag;
  • het wettelijk pensioen in de privésector geleidelijk aan optrekken tot het niveau van het pensioen in de openbare sector;
  • een hoger minimumpensioen;
  • gelijkgestelde periodes meetellen;
  • het recht op een waardig pensioen waarborgen;
  • de gewerkte periodes valoriseren door middel van een verhoging de inkomensgrens.

Al deze alternatieven zijn perfect financierbaar door:

  • een rechtvaardige fiscaliteit
  • een doeltreffende en daadwerkelijke bestrijding van belastingontwijking
  • ook grote vermogens en onbelaste inkomens een bijdrage laten leveren (meerwaarde op aandelen, onroerende meerwaarde)
  • een versterking - en dus geen afbouw - van de financiering van de sociale zekerheid (bijvoorbeeld door de werkgeversbijdragen te verhogen)