Sociale zekerheid bloedt leeg, herfinanciering is broodnodig

Sociale zekerheid bloedt leeg, herfinanciering is broodnodig

Het beleid van de afgelopen jaren dreigt vanaf 2021 een zwaar en sterk oplopend tekort te creëren in de sociale zekerheid. Dat is de pijnlijke vaststelling die de leden van het Beheerscomité van de Sociale Zekerheid maken, nu ze kennis hebben genomen van het begrotingsverslag 2019-2020 en de meerjarenramingen 2021-2024 van de sociale zekerheid.

De nieuwe ramingen m.b.t. de inkomsten en uitgaven van de sociale zekerheid voor 2019 en 2020 kondigen een groter tekort aan dan verwacht. Deze gegevens werden al eerder moedwillig gelekt naar de pers. Terwijl niet daar het probleem zit, gezien de wet de regering verplicht om te voorzien in een bijkomende financiering via de evenwichtsdotatie. Waar het debat vandaag vooral over moet gaan is dat de ramingen voor de jaren 2021-2024 erg somber zijn. Vanaf 2021 is immers geen evenwichtsdotatie meer gegarandeerd. Het tekort zou daardoor tegen 2024 oplopen tot € 6,3 miljard. En deze cijfers houden dan nog geen rekening met de overschrijding met 1,5% van de groeinorm van het budget voor de gezondheidszorg. De schattingen mikken op 340 miljoen euro in 2020 en dat bedrag zal fors stijgen tegen 2024. Die rekening wordt voor een deel gepresenteerd aan het globaal beheer.

Overigens, voor 2019 ligt het probleem op korte termijn vooral aan de inkomstenzijde. Het zit zo:

  • De regering had de kosten van de bijdrageverminderingen (met name de verlaging van de werkgeversbijdrage in het kader van de taxshift) 83,2 miljoen euro lager ingeschat.

  • De regering heeft inkomsten gebudgetteerd voor maatregelen die ze nog niet heeft geconcretiseerd zoals de 101 miljoen die de strijd tegen sociale fraude zou moeten opleveren. En het budget voor de financiering van de welvaartsvastheid (€ 230 miljoen) is niet opgenomen in socialezekerheidsrekeningen (in tegenstelling tot de uitgaven).

  • De alternatieve financiering van onze sociale zekerheid – die nochtans broodnodig is aangezien de regering, onder meer via de taxshift, onophoudelijk verminderingen van de socialezekerheidsbijdragen toekent – zou afnemen, voornamelijk vanwege lagere btw-inkomsten (€ 49,5 miljoen minder).

 

De vakbonden trekken nu aan de alarmbel en roepen de politici op om deze praktijken stop te zetten en een halt toe te roepen aan het beleid dat de tekorten doet oplopen en de sociale zekerheid onderuit haalt. Het gaat met name om de verlagingen van de sociale bijdragen (de belangrijkste bron van inkomsten voor de sociale zekerheid) zonder dat hiervoor als minimumvoorwaarde wordt gesteld dat er hoogwaardige banen moeten worden geschapen om compenserende inkomsten te genereren.

We roepen op om de evenwichtsdotatie snel te herstellen teneinde de socialezekerheids-rekeningen dit jaar in evenwicht te brengen.

We roepen eveneens op tot een snelle federale regeringsvorming. Enkel op dat niveau kunnen immers doeltreffende maatregelen worden genomen om de begroting van de sociale zekerheid in balans te brengen.

Voor ons moet de volgende regering de wet over de hervorming van de financiering van de sociale zekerheid absoluut herzien want die wet waarborgt momenteel geen stabiele financiering van de sociale zekerheid zodat die kan tegemoetkomen aan de behoeften van de bevolking. Verder moet de volgende regering er ook voor zorgen dat de evenwichtsdotatie vanaf 2021 een structureel karakter krijgt.

We zien t’ allenkant hoe de tekorten in de sociale zekerheid worden aangegrepen om het mes te zetten in de sociale uitkeringen en de gezondheidszorg. Terwijl eerst en vooral de vraag moet worden gesteld waarom de inkomsten van de sociale zekerheid geen gelijke tred houden met de maatschappelijke behoeften. Oorzaken:

  • Een falend beleid van jobs, jobs, jobs. Door een ondoelmatige tax shift en een voorliefde voor bijjobs, bijjobs, bijjobs. De economische groei en werkgelegenheidsevolutie blijft in België achter op die van de buurlanden. Voor 2020 verwacht de Europese Commissie voor de Eurozone, net als voor de drie buurlanden een groei van 1,5%, tegen slechts 1,2% in België. Dat kost de sociale zekerheid.

  • Een wurggreep op de loonvorming via de Loonnormwet: als de brutolonen onvoldoende stijgen, blijft ook de stijging van de bijdragen uit.

  • De wildgroei aan nieuwe statuten en arbeidsvormen, zonder de normale bijdragen.

  • Bedrijven die geen strobreed in de weg wordt gelegd om loon te vervangen door voordelen die aan de normale bijdragen ontsnappen, tot en met de omzetting van bestaande loonvoordelen.

  • Een overheidsdotatie die niet meegroeit met de behoeften. Daarvoor bestaat een wettelijke basis, maar er is nog geen begin van aanzet voor de uitvoering ervan.

  • Een ontoereikende alternatieve financiering voor de bijdrageverlagingen, door een overschatting van de terugverdieneffecten ervan voor de sociale zekerheid. We vragen daartoe dat het Planbureau op korte termijn een nieuwe en zuiverder berekening maakt van de kost van tax shift, met het oog op een correcte alternatieve financiering.

Het zijn bij voorrang deze kwesties die volgens de vakbonden voorwerp moeten worden van een grondig debat en opgenomen moeten worden bij de nieuwe regeringsvorming. Samen met het herstel van de evenwichtsdotatie vanaf 2021 en het ongedaan maken van de doorrekening van budgetoverschrijdingen in de gezondheidszorg aan het globaal beheer.

In tijden van toenemende ongelijkheid hebben burgers meer dan ooit behoefte aan een sterke sociale zekerheid. Een sociale zekerheid die niemand in de kou laat staan en die waardige wettelijke pensioenen waarborgt, alsook kwaliteitsvolle en betaalbare gezondheidszorg. De robuustheid van ons socialezekerheidsmodel kan alleen worden gegarandeerd met een evenwichtsdotatie die het begrotingstekort van de sociale zekerheid compenseert door middel van alternatieve inkomsten.

Het is louter een kwestie van politieke wil, want de in België geproduceerde rijkdom neemt voldoende toe om innoverende en duurzame financieringsbronnen te vinden, met name via een rechtvaardige en billijke fiscaliteit.

Deze keuzes zullen noodzakelijk zijn opdat de sociale zekerheid op een duurzame wijze zou kunnen bijdragen aan een goede sociale bescherming voor iedereen, en meer in het algemeen, aan sociale cohesie en welzijn.