Pensioengelijkstellingen: Bijsturingen, maar fundamenteel probleem blijft

Pensioengelijkstellingen: Bijsturingen, maar fundamenteel probleem blijft

Minister Baquelaine bezorgde aan de leden van het Beheerscomité van de Federale Pensioendienst  zijn teksten voor de beperking van de pensioengelijkstelling van werkloosheids- en brugpensioen/SWT-dagen. Uit deze teksten blijkt dat de minister onder druk van de vakbonden zijn plannen op een aantal punten heeft bijgestuurd.  Dat is al een vooruitgang. Maar de harde vaststelling blijft: werknemers die na inwerkingtreding van de nieuwe regels (voorzien op 1 januari 2017 voor zij die op pensioen gaan vanaf 2018) werkloos worden en dat langer dan een jaar blijven of werknemers die in ‘gewoon’ SWT gaan, zullen minder pensioen ontvangen. Dit is ook het geval voor deeltijdse werknemers met een inkomensgarantie-uitkering of voor korte contracten afgewisseld met werkloosheid. Dit is voorwaar een ‘schitterend vooruitzicht’ voor al die werknemers die (zonder bedrijfstoeslag) binnenkort ‘naakt’ ontslagen worden bij Axa, Caterpillar, Douwe Egberts, ING en al die andere herstructureringen, sluitingen en individuele ontslagen.

Uit de teksten blijkt wel dat werknemers met dagen tijdelijke werkloosheid en in bijzondere regimes (kunstenaars, havenarbeiders, zeelieden, vislossers…)  niet meer onder de nieuwe berekeningsregels vallen. Ook de inschakelingsuitkeringen worden niet langer geviseerd. In de begrotingsnotificatie werden nog alle dagen werkloosheid over dezelfde kam geschoren. En naast het SWT wegens onderneming in moeilijkheden/in herstructurering of zwaar beroep, zal ook het medisch SWT  niet meer onder de nieuwe regels voor gelijkstelling vallen.  En enkel SWT’s  die beginnen  na de inwerkingtreding van de nieuwe bepalingen zullen onder de nieuwe gelijkstellingsregels vallen.  Dit is het minste wat men kon doen voor enige rechtszekerheid.

Maar ondanks deze bijsturingen blijft de impact van de voorstellen Bacquelaine dus zeer groot. Op de hierboven aangehaalde uitzonderingen na, zullen werkzoekenden, inbegrepen deeltijdsen met een inkomensgarantie-uitkering (IGU) en veel SWT’ers, een derde keer gestraft worden voor een werkloosheid die zij zelf niet hebben gevraagd.  Eerst het loonverlies, dan de daling van de werkloosheidsuitkering via de degressiviteit en de beperking in duur, en bovenop nu ook de schrapping van een deel pensioen. Werkloosheid is geen vrije keuze. Tenzij voor de werkgever. Hij sluit de boel. Hij geeft  ontslag. Hij zet mensen op SWT. Hij weigert mensen aan te werven. En toch wordt voor al die keuzes van de werkgever nu de werkloze gestraft.

Bovendien en minstens even belangrijk voor deze groep mensen, bezorgde de minister samen met de teksten over de gelijkstellingen ook zijn voorstellen rond de lange loopbanen, de zogenaamde ‘eenheid van loopbaan’. Dit principe stelt dat de loopbaan nooit de eenheid mag overschrijden, dus niet langer mag zijn dan 45 jaar. Dit principe wordt nu  afgeschaft voor zij die blijven werken na die 45 jaar, maar is ten koste van zij die boven die 45 jaar ziek, werkzoekend of op brugpensioen zijn. Terwijl vroeger de 45 beste jaren werden weerhouden voor de pensioenberekening, gaat men nu de 45 eerste (en dus meestal minder goed beloonde jaren) meetellen. Een zware achteruitgang dus voor wie voor zijn 20ste begon te werken en inactief is op het einde van de loopbaan. ACV, ABVV en ACLVB zullen de komende dagen de concrete impact van de voorstellen rond ‘eenheid van loopbaan’ verder analyseren.