Palestina, 71 jaar na de ‘grote catastrofe’

Palestina, 71 jaar na de ‘grote catastrofe’

Eergisteren (15 mei) herdachten de Palestijnen de 71ste verjaardag van de Nakba, de grote catastrofe. Op 15 mei 1948 riep David Ben-Goerion de onafhankelijkheid uit van de staat Israël. Hij werd de eerste premier van het land. De Palestijnen leiden 71 jaar later nog steeds een vluchtelingenleven, verspreid in kampen in de regio, en wachten nog altijd op de dag dat ze naar hun thuisland kunnen terugkeren.

De periode 1947-1949 ging gepaard met de massale etnische zuivering van Palestijnen. Israëlisch historicus Illan Pappé beschrijft in zijn boek ‘The Ethnic Cleansing of Palestine’ hoe ruim vierhonderd dorpen doelbewust en planmatig vernietigd werden en bijna een miljoen Palestijnen uit hun huizen werden verjaagd. De auteur weerlegt hiermee de mythe dat de Palestijnen in de periode 1947-1949 vrijwillig hun huizen verlieten op aansporen van de omliggende Arabische buurlanden.

Apartheidsmuur

De situatie van de Palestijnen is anno 2019 nog steeds schrijnend. De Westelijke Jordaanoever wordt beetje bij beetje onleefbaar gemaakt door de apartheidsmuur die door Palestijns gebied loopt en door het inpalmen van natuurlijke bronnen. Dit is een de facto annexatie.

De Gazastrook lijdt onder de Israëlische blokkade. Dit is een daad van economische oorlogsvoering en collectieve bestraffing van de burgerbevolking. Israël bepaalt wat er binnen komt en buiten gaat. Om de zo veel tijd voert de Israëlische luchtmacht bombardementen uit, ook op civiele doelwitten. De bijna twee miljoen Palestijnen in Gaza leven in ’s werelds grootste openlucht gevangenis.

De laatste grote militaire operatie dateert van 2014. Daarbij vielen toen meer dan tweeduizend Palestijnse doden, waaronder honderden kinderen. Vorig jaar, bij de herdenking van de 70ste verjaardag van de Nakba, werden ruim vijftig Palestijnen, die geen enkel veiligheidsrisico vormden, door Israëlische sluipschutters doodgeschoten op de grens tussen Gaza en Israël.

Rampzalig voor werknemers

Als vakbond uiten wij hierover des te meer onze bezorgdheid omdat de mensenrechtenschendingen in Palestina rampzalige gevolgen hebben voor Palestijnse werknemers. Het nederzettingenbeleid met de scheidingsmuur, checkpoints en verboden zones, versnippert het Palestijns grondgebied en maakt economische ontwikkeling onmogelijk. De werkloosheid bereikt recordhoogte. Palestijnen die wel werken, doen dat vaak in abominabele omstandigheden in Israël of in de nederzettingen, legaal of noodgedwongen illegaal en dus zonder enige bescherming. Velen wordt het leven zuur gemaakt aan de Israëlische checkpoints op weg van en naar het werk, door discriminatie op de arbeidsmarkt of nog door patronale willekeur.

De internationale gemeenschap moet de druk op Israël opvoeren. 71 jaar na de Nakba wordt de situatie voor de Palestijnen enkel maar erger, door bezetting, blokkade en kolonisatie. De officiële veroordelingen vanuit de Europese Unie zijn ontoereikend. Het ABVV veroordeelt het geweld en eist opnieuw:

  • de officiële erkenning van de Palestijnse staat door België;
  • het einde van de bezetting van de Palestijnse gebieden en de politieke en andere uitingen van dit beleid (de scheidingsmuur, de nederzettingen, de blokkade …);
  • de stopzetting van de kolonisering en de terugkeer naar de grenzen van 1967, in toepassing van de VN-resoluties;
  • het verbreken van alle economische banden met de illegale nederzettingen en bezettingen;
  • van Europa een toegangsverbod voor producten die illegaal zijn vervaardigd in de nederzettingen en de invraagstelling van elk akkoord met Israël, zolang deze staat het internationaal recht schendt.

Op het EVV-congres volgende week zal hierover worden gedebatteerd, onder andere over de mogelijke instrumenten die in elk verdrag met Israël opgenomen zouden moeten worden om de situatie van Palestijnse werknemers te verbeteren.