N-VA en Open Vld-kiezers stemmen tegen hun eigen portemonnee

N-VA en Open Vld-kiezers stemmen tegen hun eigen portemonnee

De Vlaams-nationalisten van N-VA en de Vlaamse liberalen van Open Vld willen dezelfde economische en sociale recepten gebruiken. Die recepten vergroten echter niet jouw deel van de koek. Integendeel.

De N-VA is de enige partij die het indexmechanisme weg wil, terwijl dit er net voor zorgt dat de lonen (en uitkeringen) automatisch de prijsstijgingen volgen. Ze wil dit vervangen door overleg op bedrijfsniveau. Daarmee gooit ze twee verschillende dingen samen: de index die stijgende levensduurte compenseert, en loononderhandelingen over hoe groot het deel van de economische koek is dat werknemers krijgen. N-VA en Open Vld trekken echt aan hetzelfde liberale zeel: beide partijen vinden dat afspraken tussen werkgevers en werknemers zo veel mogelijk op bedrijfsniveau moeten gemaakt worden.

Lonen laag houden

Voor N-VA kan er enkel in sectoren en bedrijven over loonsverhogingen worden onderhandeld, en niet meer op nationaal niveau. Iets waar jij niet beter van wordt. Zo wordt het immers veel makkelijker voor werkgevers om de lonen laag te houden en de winsten hoog. Want als er geen overkoepelend kaderakkoord is, waarom zouden sectoren of bedrijven dan aangespoord worden om te onderhandelen? Loonsverhogingen worden dan onhaalbaar waar vakbonden minder sterk staan, of in kleinere bedrijven zonder vakbond.

Open Vld vindt dat afspraken op bedrijfsniveau voorrang moeten krijgen op algemene akkoorden binnen sectoren of zelfs op nationaal niveau. Zo verzwakken ze natuurlijk jouw onderhandelingspositie, aangezien je samen sterker staat, met de vakbond, maar ook in solidariteit met andere werknemers. Door hier meteen aan te koppelen dat het aantal ‘vrijwillige overuren’ verdubbeld mag worden tot 200, geeft Open Vld zelf aan in wiens voordeel die bedrijfsafspraken zouden vallen.

Deze partijen willen bedrijven verder in de watten leggen door de vennootschapsbelasting te verminderen.

Net als Open Vld, wil N-VA de winst op aandelen niet extra belasten. En bij Open Vld vinden ze oudere werknemers, vooral bedienden, te duur en willen ze daarom, net zoals N-VA al eerder opperde, de ervaringsbarema’s op de schop.

Uitkeringen beperken

Werkzoekend? N-VA en Open Vld willen een werkloosheidsuitkering beperken: na twee jaar stopt de uitkering. En voor Open Vld moet je al na een half jaar verplicht opleiding volgen.

Liberalen en nationalisten willen het stelsel van stelsel van werkloosheidsuitkering met bedrijfstoeslag (SWT), het vroegere brugpensioen, volledig afschaffen. Dit systeem waarbij werkgevers een toeslag betalen op de werkloosheidsuitkering, en de oudere werknemers beschikbaar moeten blijven voor de arbeidsmarkt, werd de laatste jaren gebruikt voor oudere werknemers die na een loopbaan hard werken de pech hebben ontslagen te worden omdat dat het bedrijf failliet gaat of herstructureert. Andere mensen in SWT zijn werknemers die jarenlang zwaar werk verrichtten onder de vorm van ploegenarbeid of nachtarbeid.

De N-VA wil overigens niet weten van een pensioengarantie met een minimumpensioen van minstens 1.500 euro per maand. Ze willen een onzeker pensioen met punten uitbouwen en periodes van brugpensioen en werkloosheid eerst minder en later niet laten meetellen voor je pensioen. Ze willen ook niet weten van “afwijkende pensioenleeftijden van 55 of 56 jaar”. Velen zullen dus moeten werken tot de wettelijke pensioenleeftijd die wordt opgetrokken naar 67.

Goed om weten is nog dat voor N-VA het vaderschapsverlof niet mag uitgebreid worden. En bus- en treinverbindingen met weinig reizigers moeten afgeschaft worden. De nationalisten willen ook niet weten van een Europees minimumloon en een bijkomende Europese bankentaks. Net zoals de liberalen lopen ze niet warm voor een socialer Europa.

Ieder voor zich en een flexi-job voor allen?

Open Vld maakt van flexi-jobs een strijdpunt in de campagne en wil het systeem veralgemenen en openstellen voor de volledige privésector voor wie gepensioneerd is of voor wie minstens een 4/5de job heeft. Ouderen mogen dus gaan bijklussen in plaats van te genieten van een pensioen zonder kopzorgen, en werkzoekenden zien nieuwe jobkansen aan hun neus voorbijgaan aangezien werkenden de flexi-jobs innemen.

Het Rekenhof, de financiële waakhond van de regering, concludeerde midden april dat meer dan een derde van de flexi-jobs in de plaats kwam van bestaande jobs, én dat de overheid en de sociale zekerheid hierdoor een pak inkomsten missen. Het typisch liberale ‘elk voor zich’-geldt ook hier: wie een flexi-job uitoefent, bouwt geen sociale rechten op voor zijn pensioen of ziekte-uitkering.