Actu Hoeveel verlies ik met de indexsprong?

Hoeveel verlies ik met de indexsprong?

Vakbond ABVV | Hoeveel verlies ik met de indexsprong?

De antisociale regering Michel wil een indexsprong opleggen waardoor je 2% loon zal verliezen. Die 2% zal je achtervolgen tot op het einde van je carrière. Terwijl jij als werknemer nu al het hoogst belast wordt.

 

 

Indexsprong: wat is dat?

Onze lonen, pensioenen en uitkeringen volgen de evolutie van de prijzen in de winkels. Deze prijsevolutie, ook wel inflatie genoemd, wordt gemeten aan de hand van de index. Wanneer de index stijgt, betekent dat het leven ietsje duurder is geworden.

 

De federale regering heeft nu besloten om de lonen, pensioenen en uitkeringen een tijdje niet meer aan te passen én dat terwijl de prijzen wel zullen stijgen.

 

De index die voor de lonen, pensioenen en uitkeringen belangrijk is, heet de 'gezondheidsindex'. Vanaf januari 2015 zal de regering deze gezondheidsindex vastprikken. Alle indexatiemechanismen in de verschillende sectoren worden opgeschort. De indexering waar je tijdens die periode recht op hebt, wordt tijdens die periode niet toegekend. De evolutie van de gezondheidsindex wordt wel verder opgevolgd. Wanneer de index 2% is gestegen, dan treden de indexatiemechanismen weer in werking. Afhankelijk van het mechanisme in jouw sector wordt je loon dan opnieuw geïndexeerd, maar ondertussen ben je wel 2% van je koopkracht kwijt.

 

Minder verdienen

Wat stelt nu een eenmalig verlies van 2% voor, zou je je kunnen afvragen. Maar het verlies gaat verder dan deze eenmalige kost.
 

In de toekomst zal je door deze ene indexsprong een pak minder verdienen omdat het basisbedrag waarop je later geïndexeerd zal worden, heel wat lager zal liggen.


De impact van de indexsprong hangt voornamelijk af van je brutoloon en het aantal jaren tot je pensioen (zie tabel: Bedrag dat je verliest door de indexsprong (in €)).

 

Voorbeelden

  • Je bent 25 jaar en verdient 2.000 euro bruto? Je verliest tot meer dan 27.000 euro aan het einde van je carrière.
  • Je hebt nog maar een tiental jaar te gaan tot je pensioen en je verdient nu 3.500 euro? Je zal op het moment van je pensionering 8.525 euro minder opzij hebben kunnen zetten.

 

Minder pensioen

En dan is er ook nog het onrechtstreeks effect op je pensioen. Want je toekomstig loon, dat dus lager zal liggen, speelt mee in de berekening van je pensioen. De studiedienst van het ABVV berekende dat wie in januari 2015 begint te werken aan een loon van 2.000 euro bruto minimaal maandelijks 40 euro per maand minder pensioen zal krijgen...

 

Lagere prijzen? Meer jobs? Theorie!


De regering maakt ons wijs dat de indexsprong nodig is om jobs te creëren, 33.000 jobs zouden als bij toverslag tevoorschijn komen. De regering baseert zich op een studie van de Nationale Bank (NBB).


Het ABVV bekeek deze studie en merkte dat de impact van de indexsprong volledig verkeerd wordt ingeschat. Zo stelt de NBB dat door een indexsprong de ondernemingen de prijzen zullen laten zakken, waarna hun 'competitiviteit' verbetert en ze jobs zullen creëren.


Dat is pure theorie! In tijden van crisis laten bedrijven amper hun prijzen zakken, omdat hun winstmarges sowieso al onder druk staan... Het enige effect dat overblijft is een lagere koopkracht bij de gezinnen, waardoor er economische activiteit verloren gaat, net zoals bepaalde jobs...


Bovendien brengt de indexsprong de overheidsfinanciën nog meer in gevaar. In 2018 zou de staatsschuld er 2,2% door zijn gestegen. Verantwoord beleid? De kracht van verandering?

 

Vakbond ABVV | Bedrag dat je verliest door de indexsprong (in €)


 

Forfaitaire beroepskosten: een troostprijs


Compenseert de verhoging van de aftrekbare forfaitaire beroepskosten wat je verliest met een indexsprong? Neen.


De regering verhoogt het aftrekbaar bedrag voor de forfaitaire beroepskosten en schaft het tarief van 30% af. Dit zou tweeverdieners gemiddeld 250 euro per jaar moet opleveren en alleenstaanden 160 euro.
 

Hoe werkt dat?


Loontrekkenden kunnen hun beroepskosten van hun belastbaar inkomen aftrekken. Ja kan ervoor kiezen om je werkelijke kosten aan te geven en dit te staven met de nodige bewijsstukken. Dat is interessant als je werkelijke kosten hoger zijn dan de toegelaten forfaitaire aftrek.


Maar je kan ook kiezen voor de forfaitaire aftrek. In dat geval moet je geen bewijsstukken leveren. De maximum aftrek bedraagt 3.900 euro, maar het maximumbedrag is progressief en is gekoppeld aan het inkomen.
 

Voor 2014 ziet het belastingbarema er als volgt uit (in €):
 

Vakbond ABVV | Forfaitaire beroepskosten, fiscaal voordeel

 

De regering zou de bedragen verhogen van de schijven die in aanmerking genomen worden om de aftrek te berekenen, net als de percentages per schijf. Het belastingvoordeel zou groter zijn voor de lage en middeninkomens dan voor de hoge inkomens.


Als het belastingvoordeel 160 euro per jaar zou bedragen voor een alleenstaande en 250 euro voor een gezin, zoals de regering stelt, dan compenseert dat geenszins het verlies door de indexsprong.
 

Bovendien geldt dat belastingvoordeel enkel voor de werknemers, en niet voor wie een uitkering heeft.
 

Daarnaast is de impact van de aangekondigde verhoging van de indirecte belastingen (btw) nog niet duidelijk. Ook dit telt mee voor jouw eindafrekening.