Grote ABVV-enquête bewijst: flexibiliteit bereikt grenzen

Grote ABVV-enquête bewijst: flexibiliteit bereikt grenzen

De ABVV-enquête Modern Times toont dat de grenzen van de flexibiliteit bereikt zijn. De werktijd en de werkorganisatie moeten herzien worden. Het is hoog tijd om gas terug te nemen.

In de maanden maart en april 2017 hebben zo’n 14.500 werknemers de online ABVV-enquête Modern Times ingevuld.
De resultaten tonen aan dat het niet volstaat om de symptomen zoals stress aan te pakken maar dat de oorzaken aangepakt moeten worden, dit betekent dus een grondige hervorming van de arbeidsorganisatie en de arbeidstijden die ziekteverwekkend zijn.

Wat blijkt?

  • Veel werknemers presteren overuren, vaak zonder enige compensatie, en meestal op vraag van de directie in functie van toegenomen werklast of omdat ze het anders niet kunnen bolwerken. De werklast is te hoog, er is te weinig personeel. 
  • Acht op tien werknemers vindt dat het werk een negatieve impact heeft op hun mentale of fysieke gezondheid.
  • Arbeid is niet aangepast aan de mens: twee derden kan de arbeidsorganisatie niet aanpassen bij lichamelijke of mentale vermoeidheid, wat indruist tegen het principe van ‘werkbaar werk’ en ‘vol te houden werk’.
  • De instrumenten die bedrijven in handen hebben zoals preventie van risico’s, re-integratie van langdurig zieken in aangepast werk, werkgelegenheidsplan voor oudere werknemers, worden onvoldoende benut of zijn slecht gekend, ze komen bovendien vaak neer op een pleister op een houten been.
  • Het beleid inzake preventie of re-integratie dat bedrijven moeten voeren, blijkt tekort te schieten met name in verband met de oudere werknemers. Het resultaat hiervan is een breed gedeeld gevoel dat de arbeid in deze omstandigheden niet ‘vol te houden’ is tot de pensioenleeftijd zonder grote gevolgen voor de gezondheid.
  • Hoe werk werkbaar maken? Mening van werknemers: de arbeidsorganisatie aanpassen - aantal medewerkers verhogen, meer rekening houden met menselijke factor, duidelijke en haalbare doelstellingen, hoeveelheid werk verminderen, het arbeidsritme verminderen.

 

1. Arbeidstijd

  • Voor maar liefst 33,2% ligt de wekelijkse arbeidstijd op meer dan 38 u per week
  • Deeltijds werk is doorgaans geen vrije keuze

40,2% van de respondenten zou voltijds willen werken, mochten er geen obstakels zijn.


Waarom deeltijds werken?

  • 24,5% omdat het werk nu eenmaal zo georganiseerd is bij de werkgever
  • 24,2% omwille van gezondheidsredenen
  • 17,3% omdat ik geen voltijdse job vind
  • 11% persoonlijke keuze
  • 9,9% omwille van de kinderen

80,8% werkt overdag, van maandag tot vrijdag, maar veel mensen werken met atypische uurroosters:

  • 11,9% verricht nachtarbeid   
  • 22,0% verricht ploegenarbeid  
  • 31,2% werkt op zaterdag
  • en 20,2% werkt op zondag

Veel werknemers presteren overuren, vaak zonder compensatie, en meestal op vraag van de directie of omdat ze het anders niet kunnen bolwerken. De werklast is te hoog, er is te weinig personeel. 

  • Driekwart of 76,6% van de werknemers presteert meer uren dan voorzien in hun contract
  • Bij 23,0% worden de overuren niet uitbetaald, noch gerecupereerd.
  • Van de werknemers die de overuren recupereren, heeft 78,8% ten minste één uur te recupereren. Maar 20,0% van de werknemers in het vervoer, 18,8% van de werknemers van de industrie en 14,1% van de werknemers van de handel hebben meer dan 50 uur te recupereren op het moment dat ze de vragenlijst hebben ingevuld.

Waarom overuren presteren?

  • 42,2% op vraag van de directie in functie van een toegenomen werklast of bestellingen.
  • 39,9% omdat ik te veel werk heb en er anders niet in slaag om alles binnen de normale werkuren te doen
  • 16,3% omdat de directie dat eist
  • 15,40% persoonlijke keuze

 

2. werkzekerheid

Iets meer dan de helft, 53,4% van de werknemers, zegt ongerust te zijn over hun toekomst in hun onderneming.

Deze werkonzekerheid of het onveiligheidsgevoel is een stressfactor die niet noodzakelijkerwijze verband houdt met de precariteit van de statuten.

 

3. Technostress

  • Iets meer dan de helft, 53,3%, van de werknemers voelt de behoefte om buiten de werkuren werkgerelateerde berichten te checken,
    De impact hiervan ligt bij stress (54,6%), humeur (44,8%) en het familiaal leven (43,7%).
     

4. werkbaarheid van het werk

  • Twee derden, 66,3%, zegt dat ze hun arbeidsorganisatie niet kunnen aanpassen (uurroosters, werklast, taken of aanpassen van een machine) bij lichamelijke of mentale vermoeidheid.
  • 80,4% meent dat de manier waarop het werk momenteel is georganiseerd door de werkgever gevolgen kan hebben op hun lichamelijke of mentale gezondheid

De voornaamste klachten zijn stress,  slaapstoornissen, burn-out , en prikkelbaarheid.

  • 41,7% van de ondervraagden antwoordt duidelijk dat ze zich lichamelijk en/of mentaal niet in staat voelen om hun huidige functie tot de pensioenleeftijd te blijven uitoefenen.
  • 26,2% vraagt aanpassingen om het lichamelijk en/of mentaal uit te houden in hun functie tot de pensioenleeftijd.
     
    • 41,0% wil het aantal medewerkers verhogen,
    • 38,1% wil de arbeidsorganisatie grondig herzien om rekening te houden met de menselijke factor,
    • 33,6% vermeldt de nood aan duidelijke en haalbare doelstellingen,
    • 33,6% wil de hoeveelheid werk verminderen,
    • 31,6% wil het werkritme verminderen.
       

6. Beleid van de werkgever ter preventie van psychosociale risico’s en voor oudere werknemers

  • Slechts 32,1% van de respondenten zegt het beleid te kennen van hun werkgever inzake psychosociale risico’s.
  • Amper 23,3% van de respondenten kent het beleid van terugkeer naar het werk van langdurig zieke of arbeidsongeschikte werknemers.
  • Slechts 11,5% van de respondenten stelt dat er een plan is voor oudere werknemers in hun onderneming. Dit cijfer is verontrustend in een context van pensioenhervorming en van werkbaar werk. Zowat 50% van de 56-65-jarigen zegt dat er geen plan is voor de oudere werknemers. Als er een plan is, zegt slechts 7,7% van de 56-65-jarigen dat ze er de inhoud van kennen.