PB Europees Parlement stelt stemming economisch bestuur uit

Europees Parlement stelt stemming economisch bestuur uit

Het Europees Parlement stemde vandaag over het  economisch  « bestuur » (zes rapporten).

 

Het ABVV betreurt het feit dat de liberale en christelijke parlementsleden geen oor hadden voor de hulpkreet van de werknemers en de sociale uitkeringstrekkers, die nochtans voortdurend gemobiliseerd bleven, sinds ze besloten het Belgisch IPA akkoord niet te ondertekenen, omdat dit al voorzag in een loonmatiging en de kiem bevatte voor een herziening van de automatische indexering.

 

Ook al is het resultaat van de stemming ontgoochelend en is het zeer jammer dat de ingediende amendementen verworpen werden, toch verheugt het ABVV er zich over dat het erin geslaagd is de linkse Europese fracties te sensibiliseren rond een aantal zeer belangrijke kwesties, zoals de autonomie van de sociale gesprekspartners, de fiscaliteit, de eurobonds (euro-obligaties), de golden rule.

 

We hebben een veldslag verloren, maar niet de oorlog: de eindstemming vindt plaats op 5 en 6 juli in Straatsburg en zal pas definitief zijn indien er een compromis bereikt wordt tussen het Europees Parlement en de Raad. Ook zijn de eisen van de Europese rechterzijde om het overheidstekort weg te werken op de rug van de werknemers – eisen die oorspronkelijk als onvermijdelijk voorgesteld werden – vandaag niet meer zo vanzelfsprekend, ze krijgen zelfs af te rekenen met hinderpalen en botsen op een niet te verwaarlozen weerstand.

 

Het ABVV vraagt dat de Raad zich zou herpakken, om een Europees economisch bestuur die naam waardig voor te stellen. We willen een economisch bestuur dat blijk geeft van solidariteit, in plaats van blinde bezuinigingen en sociale afbraak op te leggen.  De lonen, de sociale beschermingsstelsels, de openbare diensten zijn geen vijand van de werkgelegenheid of van de economische groei, ze zijn er integendeel de motor van.

 

Het ABVV is niet alleen van mening dat een duurzame relance met investeringen in toekomstgerichte beroepen nodig is, het blijft ook de autonomie van de sociale gesprekspartners én van de loononderhandelingen eisen (loonvorming is immers geen Europese bevoegdheid). Net zoals trouwens een op Europees niveau geharmoniseerde fiscaliteit (om elke concurrentie tussen werknemers te verhinderen) en de invoering van euro-obligaties (om te vermijden dat landen die met problemen te kampen hebben, hun leningen aan woekerprijzen moeten terugbetalen).

 

Bovendien moet Europa:

  • ophouden met aanvallen op onze automatische loonindexatie die tijdens de crisis zijn nut heeft bewezen ;
  • een daadwerkelijke coördinatie van de economische beleidslijnen tussen de  "probleemlanden" en de "gezonde landen" bevorderen ;
  • een versterking mogelijk maken van de overheidsinvesteringen bestemd om het duurzame groeipotentieel uit te breiden, door die investeringen niet mee op te nemen in de toezichtregels op de overheidsfinanciën (de zgn. golden rule).

 

De werknemers en de sociale uitkeringstrekkers hebben hun laatste woord nog niet gezegd!  Ze mobiliseren allemaal samen verder voor een ander Europa.