Brief 3 - Graag meer grip op je leven? Dat kan!

Brief 3 - Graag meer grip op je leven? Dat kan!

Waarde kameraad,

Burn-out en stress, het lijken wel de ziektes van deze tijd. Iedereen kent wel iemand die er onder te lijden heeft (gehad). Er is wat gaande. Hoge werkdruk, onhaalbare doelstellingen, software die het werktempo bepalen, te weinig personeel, ICTsnufjes die de grens tussen werk en privéleven doen vervagen.

Voor veel werknemers is dit dagelijkse kost. We moeten meer inzetten op (levenskwaliteit). Daar draait het allemaal om. Het is voor ons heel belangrijk dat werknemers op goede, evenwichtige en aangename plekken kunnen werken in een job die werkbaar is, een job die je een goed gevoel geeft als je thuiskomt. Werken op een plek waar je ofwel helemaal uitgeperst wordt (burn-out) ofwel afgestompt wordt (bore-out) zou niet mogen. Arbeid is voor een groot stuk zingeving. Het is een zeer belangrijk deel van onze identiteit. Dan is het toch maar normaal dat we daar zorg voor willen dragen? Want onze gezondheid gaat over de rooie. Dit moet anders. En dat kan op 5 manieren:

1. Meer vrije tijd

Zoals onze enquêtes Modern Times al meermaals bewezen, onze flexibiliteit bereikt haar grenzen. Het ABVV is onder andere om die reden, pleitbezorger voor een kortere werkweek. Want collectieve arbeidsduurvermindering (CADV) met loonbehoud is goed voor iedereen. Dit strijdpunt trachten we te bereiken via het sociaal overleg en sensibilisering via campagnes, debatten, artikelen en acties. CADV is een historische eis van de vakbeweging, die altijd met minachting werd verworpen door de werkgevers. Desalniettemin staat CADV in de sterren geschreven.

Want het heeft een pak voordelen. Het vermindert de structurele werkloosheid. Het biedt concrete oplossingen op vlak van gezondheid en veiligheid op het werk. Het zorgt voor meer gelijkheid tussen vrouwen en mannen en creëert een evenwichtige relatie tussen werk-privé. Het is als kers op de taart goed voor onze werkgelegenheid en productiviteit.

Als ABVV staan we dus het idee voorop waarin de sociale gesprekspartners op een evenwichtige en correcte manier met elkaar kunnen onderhandelen over dit belangrijke onderwerp. Dat moet gewoon. En dat kan door een onderhandelingsmarge de naam waardig en een heroriëntering van bestaande bijdrageverminderingen. Door de taxshift van de regering-Michel zullen de basis patronale bijdragen geleidelijk aan verminderen van ongeveer 32,40 % naar 25 %. Wij eisen dus dat deze verminderingen altijd gekoppeld moeten zijn aan bijkomende duurzame aanwervingen, bvb. in het kader van CADV.

2. Meer perspectief

Werkbaar werk is niet alleen meer evenwicht tussen werk en privé. Dat is ook, met het vooruitzicht op pensioen, rustig en stelselmatig afbouwen. Daar draait het vaak om op de werkvloer: vooruitzichten, perspectieven en zekerheid. Het vooruitzicht om binnenkort enkele dagen verlof te hebben of op een promotie, het perspectief op beterschap of om jouw carrière op een rustige manier af te sluiten, geeft goede moed en houdt ons als werknemers recht.

Als je ouder wordt, denk je uiteraard aan het wat rustiger aan te doen of aan je pensioen. Een betere eindeloopbaanregeling dient zich dus aan. Wil je wat minder werken, omdat het gewoon minder goed lukt (fysiek of mentaal), dan kon je dat vroeger in een landingsbaan of via tijdskrediet vanaf 55 jaar. Vanaf 2019 kan dit niet langer. De regering-Michel trok die leeftijd immers op naar 60 jaar.

Een landingsbaan is voor veel oudere werknemers nochtans de enige manier om het te kunnen blijven bolwerken. Daarom gaan wij voor wettelijke garanties op een betere eindeloopbaanregeling via het recht op tijdskrediet-landingsbanen (halftijds of 1/5de) met RVA-uitkering op 55 jaar en via recht op SWT voor belastend werk en lange loopbaan vanaf 58 jaar en recht op SWT voor herstructurering of ondernemingen in moeilijkheden vanaf 56 jaar. Het optrekken van de voorwaarden voor pensioen (leeftijd van 65 naar 67 jaar), vervroegd pensioen en werkloosheid met bedrijfstoeslag laten zich voelen.

3. Meer zorg

De beste bescherming waar we in ons land nog steeds van kunnen genieten, is die van de sociale zekerheid. De sociale zekerheid biedt een houvast (zie hoofdstuk 5). Bovendien is het iets waar we samen voor instaan. Maar wat ook zekerheid biedt, zijn de openbare diensten. Het is daarom zo belangrijk dat hierin structureel geïnvesteerd wordt. Ook omdat openbare diensten een essentiële bijdrage leveren aan de sociale en economische ontwikkelingen in ons land. Maar als we spreken over meer zorg, dan vinden wij dat er dringend werk gemaakt moet worden van het wegwerken van die stijgende zorgnoden in de social profit-sectoren. Het personeel kreunt er onder besparingen, de stijgende werkdruk en personeelstekorten. En patiënten of zorgbehoevenden krijgen daardoor niet altijd de zorg die ze nodig hebben of de kwaliteit waar ze recht op hebben. Dat moet anders.

Het ambtenarenstatuut in de openbare diensten biedt perspectief voor het personeel, maar ook voor de gebruikers. Daarom dat we een einde willen stellen aan de neerwaartse harmonisering van hun statuut. De overheid moet als werkgever toch ook zijn verantwoordelijkheid opnemen?

Het begrotingsbeleid moet best ook altijd voorrang geven aan (sociale) investeringen, aan sociaal beleid en het stimuleren van de vraagzijde. Niet? Dat gebeurt nu echt nog véél te weinig. Ook zorg voor de verre buur is belangrijk. Wij willen dan ook dat steeds 0,7% van het BBP (bruto binnenlands product) wordt ingezet op overheidssteun voor ontwikkelingssamenwerking.

Draag ook meer zorg voor werknemers, zeggen wij in koor tegen de volgende regering. Erken, om te beginnen, de professionele uitputting (burn-out) als beroepsziekte. In dat kader is het ook interessant om, heel concreet, een gecentraliseerd register aan te maken met een lijst risico’s verbonden aan jouw beroep. Zo ook zou een algemeen medisch dossier moeten worden aangelegd waarin die gegevens worden opgenomen.

Daarom dat de onafhankelijkheid van arbeidsgeneesheren versterkt moet worden en een herziening zich opdringt van de rol van preventieadviseurs psychosociale belasting om werknemers beter te kunnen ondersteunen.

4. Meer kwaliteit

Wij zijn fan van kwaliteitsvol werk. Een job waar je je niet te pletter werkt, een job waar je een goed, vast loon krijgt waar je verder op kan bouwen, een job waar je niet in constante onzekerheid leeft en weet dat je morgen nog kan terug keren. Gemoedsrust is de olie voor een goed leven. Daarom dat we inzetten op volledige tewerkstelling. Of anders gezegd, zero-werkloosheid moet het streefdoel zijn.

Wij staan dus een beleid voorop dat voluit inzet op kwaliteitsvolle jobs aan correcte  arbeidsvoorwaarden en een goed statuut. Het sociaal overleg speelt hier de eerste viool. Daarom ook dat het beter ondersteund moet worden (bijv. door de oprichting van sectorale werkbaarheids- of demografiefondsen) en elke vorm van flexibiliteit moet een ‘onderhandelde flexibiliteit’ betreffen.

Het ABVV maakt er daarom ook een speerpunt van dat de praktijk van opeenvolgende dag-contracten verboden wordt. De misbruiken met dagcontracten hebben lang genoeg geduurd. Je moet maar eens 6 of zoveel jaar aan een stuk werken met zulke contracten. Die onzekerheid vreet aan de gezondheid en het geluk van mensen. Dus moet er gewoon een einde gesteld worden aan deze praktijken.

Er zou ook eens meer duidelijkheid mogen komen in de zgn. platformeconomie. Onzekerheid was lang troef. Van deze ‘Uber-uitdaging’ eisen wij een ‘Deliveroo-deal’. Daarmee bedoelen we: geef werknemers in de platformeconomie het statuut en de sociale bescherming van loontrekkende.

We kunnen er niet om heen dat technologie een zeer belangrijke plek heeft verworven in onze private en professionele middens. We liken, sharen en tweeten constant. We mailen en appen er op los. We zijn altijd en overal verbonden met alles en iedereen. Ook met onze job of werkomgeving. Die virtuele leiband is ongezond. Daarom is dat recht op onbereikbaarheid zo belangrijk anno 2019.

Het recht om onbereikbaar te zijn, vereist een herdenken van de werk/privérelatie: het gaat lijnrecht in tegen de filosofie om alsmaar langer en meer te werken. Het recht om onbereikbaar te zijn, kan in die zin zelfs gezien worden als een manier om een mentaliteitswijziging teweeg te brengen ten voordele van arbeidsduurvermindering.

5. Meer grip

Gemoedsrust op professioneel vlak is niet het enige dat je vooruit helpt. Ook goed weten waar je voor staat in je dagelijks leven helpt je verder. Een betere combinatie werk en privéleven is dus een fundamentele voorwaarde. Want wat te doen wanneer je gezin uitbreidt? Wat te doen wanneer je er alleen voor staat? Wat te doen wanneer je iemand hebt waar je vaak  voor moet zorgen? Dit zijn zaken die een onnoemelijke druk op onze schouders leggen. Structurele hulpmaatregelen dienen zich aan.

Zo vinden wij dat het ouderschapsverlof verdubbeld moet worden bij eenoudergezinnen. Het is toch maar normaal dat iemand die er alleen voor staat evenveel kansen krijgt als een koppel? Of stel dat je voor iemand moet zorgen (een ouder, grootouder, schoonvader …). Dan is het toch maar normaal dat je daar de tijd en ruimte voor kan hebben. Daarom: recht op betaalde afwezigheden per jaar voor zorg aan naasten.

Of jullie/je verwacht(en) een kindje. Er komt dan heel wat op je af. Het systeem vandaag is niet langer afgesteld op de huidige realiteit. Pas dat systeem dus aan. En dat kan gemakkelijk. Via 1) verplicht geboorteverlof van minstens 20 dagen zonder inkomensverlies; 2) geen inkomensverlies tijdens de zwangerschapsrust; 3) geen verlies van prenataal verlof bij ziekte en evenmin in het geval van preventieve werkverwijdering; 4) het optrekken van uitkeringen voor zorgonderbrekingen en voor alleenstaanden tot op het niveau van de ziekte-uitkeringen.

Zo vermijden we dat we onder de druk van alledag bezwijken. (Het hele punt over eindeloopbanen, zoals we dat hierboven beschreven, kadert hier uiteraard ook in. Maar zoals je leest, kan ons leven echt wel vergemakkelijken.)

Meer grip krijg je natuurlijk ook door kennisopbouw. Dat kan aangescherpt worden via degelijke opleidingen en vormingen. Het is daarom dat je als werknemer, zeker gegeven digitalisering/automatisering, bij de pinken moet zijn met de recentste ontwikkelingen. Investeren in opleidingsprogramma’s zijn hier natuurlijk hét antwoord bij uitstek op. Elke werknemer moet best - naast het recht op betaald educatief verlof - individueel recht hebben op 5 dagen opleiding per jaar.

Het is in deze ook dat wij pleiten voor een échte jobdeal, op alle beleidsniveaus en via de sociale gesprekspartners. Jobgarantie biedt grip, biedt zekerheid, zeker ook voor werkzoekenden op de arbeidsmarkt. Dat kan aangepakt worden via garanties op een kwaliteitsvolle stage- of werkervaringsplaats; garanties op inschakelings- en werkloosheidsuitkeringen; een garantie op een effectieve en afdwingbare reglementering om discriminatie op de arbeidsmarkt uit te bannen (waaronder praktijktesten); een garantie op een inclusief (arbeidsmarkt)beleid naar migranten, vluchtelingen, mensen zonder papieren en dit in het kader van een migratie- en asielbeleid met respect voor de sociale en humanitaire rechten.

Het staat dus buiten kijf dat tijd, zorg, perspectief, kwaliteit en grip de garanties zijn op werkbaarder werk.