Akkoorden binnen de NAR werken discriminatie weg en pakken armoede aan

Akkoorden binnen de NAR werken discriminatie weg en pakken armoede aan

De sociale gesprekspartners in de Nationale Arbeidsraad gaven vandaag een advies over de invulling van het restbudget van 1,6 miljoen euro voor de welvaartsvastheid. Het bereikte akkoord is een positief signaal dat alle partners werk willen maken van de strijd tegen discriminatie en armoede. Het is nu aan de regering om de bereikte akkoorden tussen werkgevers en werknemers snel uit te voeren.

Een eerste maatregel betreft de bestaande discriminatie in het stelsel tijdskrediet/zorgverloven. In de huidige regelgeving kan je voor een kind met een handicap je recht opnemen tot het kind de leeftijd van 21 jaar bereikt, in tegenstelling tot de leeftijd van 8 jaar voor andere kinderen. De notie van ‘handicap’ was echter vooral gericht op fysieke handicap. Met de nieuwe regelgeving wordt deze notie uitgebreid: ook elementen die een impact hebben op de integratie van het kind (de zogenaamde pijler 2) of op de belasting van het gezin (pijler 3), zullen voortaan in rekening gebracht worden. Alle kinderen met een aandoening van minstens 9 punten in de drie pijlers samen, kunnen voortaan tot de leeftijd van 21 jaar een recht op tijdskrediet of ouderschapsverlof laten gelden.

De discriminatie, die door vele ouders als zeer negatief werd ervaren, wordt hiermee weggewerkt.

 

De tweede maatregel heft een discriminatie op die de regering heeft doen ontstaan door haar forse besparingen op het tijdskrediet. De regering-Michel besloot namelijk om stevig te snijden in de uitkeringen voor thematische verloven voor 50-plussers. Die ingreep kwam toen samen met een verbetering die de sociale gesprekspartners hadden voorzien met de welvaartsenveloppe (ten voordele van alleenstaande ouders). Hierdoor kwam de uitkering voor 50 plussers lager te liggen dan deze voor werknemers jonger dan 50.

Met het akkoord van vandaag wordt ook die leeftijdsdiscriminatie weggewerkt.

 

Tenslotte gaan de sociale gesprekspartners verder met het structureel aanpakken van het armoederisico bij alleenstaande ouders. Vandaag loopt dat risico op tot maar liefst 41,1%. Daarom voorzien de sociale gesprekspartners een verhoging van de uitkering met 14% voor alleenstaande ouders in het geval van tijdskrediet met motief en ouderschapsverlof.

De netto-uitkering komt zo boven de armoedegrens te liggen.